Galopproblemen

Niet of overkruist of vertraagd aangalopperen, hoofd omhoog gooien bij (aan)galopperen, snel uit galop vallen, met het hoofd naar buiten galopperen aan de longe; hoe komt het en hoe kom je er vanaf?

Een oorzaak die ik vaak tegenkom: Het paard houdt de rugspieren te veel of continue aangespannen, oftewel “drukt de rug weg”. De lange rugspier aan weerszijden van de wervelkolom, de M. longissimus dorsi, is bij een gemiddeld paard wel een meter lang. Bij aanspanning worden die spieren zomaar 10 cm korter. Daarmee trekken ze het bekken in een strekstand. Zolang die aanspanning aanhoudt kan het paard dan ook het bekken niet kantelen in de benodigde dragende stand en de achterbenen niet voldoende buigen en onder de massa naar voren steken. Dit kan één- of tweezijdig het geval zijn. Om het bekken te kantelen en de achterbenen onder de massa te zetten moet het paard de buikspieren en de psoas spieren (lopen van de onderzijde van de lendenwervels naar de binnenzijde van het bekken en het heupgewricht) aanspannen en dat lukt alleen effectief als de rugspieren (de antagonist oftewel tegenhanger) kunnen ontspannen en langer worden.

Oorzaken voor te veel spanning in de rugspieren zijn er helaas veel: niet passend zadel, te zware of niet soepel meezittende ruiter, (ge)bitsproblemen, problemen of subtiele kreupelheden in de voor- en/ of achterbenen, stijfheid in de CTO (overgang tussen de laatste halswervel en de eerste borstwervel) of SI-gewrichten, artrose of spondylose in de wervelkolom etc. Let wel: het dragen van een ruiter is op zich voldoende aanleiding voor een paard om rugpijn te krijgen en de rug vervolgens vast te houden om de pijn het hoofd te bieden. Paarden die eenmaal zo ver zijn dat ze echt kunnen dragen met de achterhand en daardoor de rug inclusief ruiter meer kunnen liften blijven beter uit de problemen. Tot paard en ruiter zo ver zijn kan voorwaarts neerwaarts rijden het paard helpen om de rug te ontspannen.

De oplossing zit hem in de aanpak van de oorzaak. Te veel spanning in spiergroepen behandel ik osteopathisch, soms aangevuld met therapeutische laser, dry needling of acupunctuur. De bewegelijkheid van alle gewrichten in wervelkolom, bekken en ledematen bevorder ik vervolgens middels chiropractie. Andere primaire oorzaken verdienen daarnaast hun eigen aanpak: een passend zadel, hoofdstel en bit en tijdige inzet van de paardentandarts en hoefsmid. Zo nodig aangevuld met kreupelheidsdiagnostiek, rijtechnische adviezen en/ of zitles.